Landen Colombia
Landengids · Belastingjaar 2026
Colombia: salaris en belasting
Colombia: een salaris van COP 25.898.088 per jaar wordt met de wettelijke uitkeringen in geld COP 31.583.369, en daarvan blijft 93,4% netto over. Met de werkgeverslasten kost de baan COP 38.269.520, en daarvan komt 77,1% bij de werknemer terecht.
- Nettodeel van het brutosalaris
- 93,4%
- Totale werkgeverskosten per jaar
- COP 38.269.520
- Plaats van 50 landen
- 16 / 50
Deze gids is gemaakt met ondersteuning van kunstmatige intelligentie.
Waar het geld heen gaat
Bij COP 31.583.369 bruto is nog geen inkomstenbelasting verschuldigd; COP 2.071.847 gaat naar de werknemersbijdragen (Salud, Pensión en Fondo de Solidaridad Pensional). Er blijft COP 29.511.522 per jaar over, gemiddeld COP 2.459.294 per maand.
De werkgever betaalt daarbovenop COP 6.686.151 aan lasten, 25,8% van het salaris. De baan kost in totaal COP 38.269.520 per jaar.
| Totale werkgeverskosten van het referentiesalaris, naar wie het ontvangt | Per jaar | Per maand | Deel van de totale kosten |
|---|---|---|---|
| Werkgeverslasten | COP 6.686.151 | COP 557.179 | 17,5% |
| Inkomstenbelasting | COP 0 | COP 0 | 0% |
| Werknemersbijdragen | COP 2.071.847 | COP 172.654 | 5,4% |
| Nettosalaris | COP 29.511.522 | COP 2.459.294 | 77,1% |
| Totale werkgeverskosten | COP 38.269.520 | COP 3.189.127 | 100% |
De werkgever betaalt daarnaast COP 5.685.281 aan wettelijke uitkeringen in geld bovenop het salaris. Die komen bij de werknemer terecht en tellen mee in het nettoloon.
Alle bedragen gaan uit van COP 25.898.088, het salaris waarmee de calculator voor dit land begint. Afhankelijk van de beschikbare statistiek is dat een gemiddeld of een mediaan voltijdsalaris.
Zo werkt de inkomstenbelasting
Bij de inkomstenbelasting (Impuesto sobre la renta) loopt het tarief op over 6 schijven, van 19% tot 39%. Het toptarief geldt vanaf COP 1.623.594.000 belastbaar inkomen. Die grens is 62,7 keer het referentiesalaris van COP 25.898.088, dus alleen hoge inkomens bereiken het toptarief.
De eerste COP 57.087.660 belastbaar inkomen zijn vrijgesteld.
De schijven gelden voor het belastbaar inkomen, dus wat overblijft na vrijstellingen en aftrekbare premies. Daarom bijten de tarieven later dan het brutosalaris doet vermoeden.
| Belastbaar inkomen vanaf | Marginaal tarief |
|---|---|
| COP 0 | 0% |
| COP 57.087.660 | 19% |
| COP 89.035.800 | 28% |
| COP 214.733.400 | 33% |
| COP 454.082.580 | 35% |
| COP 993.534.780 | 37% |
| COP 1.623.594.000 | 39% |
Hoe de tarieven met het salaris stijgen
Inkomstenbelasting begint bij een brutosalaris van ongeveer COP 75.900.000 per jaar.
Bij COP 25.898.088 gaat 6,6% van het loon naar inkomstenbelasting en werknemersbijdragen. Van elke 100 die je extra verdient, komt 93 bij de werknemer aan, een marginaal tarief van 7,3%.
Bij het dubbele salaris, COP 51.796.176, is het gemiddelde tarief 7,3% en het marginale tarief 7,3%.
Bedragen tonen
| Brutosalaris | Gemiddeld tarief | Marginaal tarief |
|---|---|---|
| COP 5.179.618 | 18,8% | 0% |
| COP 10.359.235 | 11,5% | -0% |
| COP 15.538.853 | 8,3% | -0% |
| COP 20.718.470 | 6,5% | 0% |
| COP 25.898.088 · Referentiesalaris | 6,6% | 7,3% |
| COP 31.077.706 | 6,7% | 7,3% |
| COP 36.257.323 | 6,8% | 7,3% |
| COP 41.436.941 | 6,8% | 7,3% |
| COP 46.616.558 | 7,3% | 7,3% |
| COP 51.796.176 | 7,3% | 7,3% |
| COP 56.975.794 | 7,3% | 7,3% |
| COP 62.155.411 | 7,3% | 7,3% |
| COP 67.335.029 | 7,3% | 7,3% |
| COP 72.514.646 | 7,3% | 7,3% |
| COP 77.694.264 | 7,6% | 20,4% |
| COP 82.873.882 | 8,4% | 20,4% |
| COP 88.053.499 | 9,9% | 21,2% |
| COP 93.233.117 | 10,5% | 21,2% |
| COP 98.412.734 | 11,1% | 21,2% |
| COP 103.592.352 | 11,6% | 21,2% |
Gemiddeld en marginaal tarief, met rekenvoorbeelden:
Salarisverhoging: hoeveel houd je netto over? (Colombia)
Tussen 50 landen
Colombia: bij hetzelfde salaris van COP 25.898.088 per jaar, omgerekend naar elke lokale munt, blijft 93,4% netto over, plaats 16 van 50.
Van hetzelfde salaris blijft het meest over in: België (104,3%); het minst in: Zwitserland (6,9%).
Boven 100% betalen terugbetaalbare kortingen voor lage inkomens meer uit dan belasting en premies afnemen, zodat het netto hoger is dan het bruto: België.
Alle 50 landen tonen
| Plaats | Land | Nettodeel |
|---|---|---|
| 1 | België | 104,3% |
| 2 | Verenigd Koninkrijk | 100% |
| 3 | Ierland | 100% |
| 4 | Hongkong | 100% |
| 5 | Australië | 100% |
| 6 | Noorwegen | 100% |
| 7 | Luxemburg | 98,4% |
| 8 | Italië | 96,9% |
| 9 | Estland | 96,4% |
| 10 | India | 96,1% |
| 11 | Thailand | 96% |
| 12 | Zuid-Afrika | 94,6% |
| 13 | Canada | 94,3% |
| 14 | Taiwan | 94,2% |
| 15 | Spanje | 93,5% |
| 16 | Colombia | 93,4% |
| 17 | Zweden | 92,2% |
| 18 | Oostenrijk | 92,1% |
| 19 | Finland | 91,8% |
| 20 | Brazilië | 91,5% |
| 21 | Indonesië | 91,5% |
| 22 | Denemarken | 89,9% |
| 23 | Mexico | 89,7% |
| 24 | Zuid-Korea | 89,6% |
| 25 | Letland | 89,5% |
| 26 | Portugal | 89% |
| 27 | Cyprus | 88,6% |
| 28 | Maleisië | 88,2% |
| 29 | Kroatië | 87,7% |
| 30 | Filipijnen | 87,6% |
| 31 | Griekenland | 86,6% |
| 32 | Slowakije | 85,6% |
| 33 | Turkije | 85% |
| 34 | Japan | 84,9% |
| 35 | Nieuw-Zeeland | 84,3% |
| 36 | Malta | 82,9% |
| 37 | Tsjechië | 80,6% |
| 38 | Litouwen | 80,5% |
| 39 | Singapore | 80% |
| 40 | Polen | 78,5% |
| 41 | Duitsland | 78,1% |
| 42 | Bulgarije | 77,6% |
| 43 | Frankrijk | 75,4% |
| 44 | Verenigde Staten | 74,3% |
| 45 | Nederland | 73,1% |
| 46 | Kenia | 71,8% |
| 47 | Slovenië | 69,8% |
| 48 | Hongarije | 66,5% |
| 49 | Roemenië | 61,1% |
| 50 | Zwitserland | 6,9% |
Dichtbij in de ranglijst
- Taiwan#14 · 94,2%
- Spanje#15 · 93,5%Colombia vs Spanje
- Zweden#17 · 92,2%
- Oostenrijk#18 · 92,1%
Elk land is berekend voor dezelfde alleenstaande zonder kinderen, met het salaris omgerekend tegen de wisselkoersen van 2 oktober 2026. Een salaris dat in het ene land gewoon is, is in het andere hoog; progressieve stelsels wegen daarom zwaarder waar de lonen lager zijn. De ranglijst zegt niets over koopkracht of over wat de premies betalen, zoals pensioen en zorg. Waar de nieuwe regels nog niet vaststaan, is een land berekend met het laatst vastgestelde jaar: België (2025), Noorwegen (2025) en Roemenië (2025).
Meer dan de loonstrook
De wettelijke regels van het land voor ontslag, werkloosheid, ziekte, ouderschapsverlof en onbetaald loon.
Opzegging en ontslag
Código Sustantivo del Trabajo — artículo 64
30 + 20
Salarisdagen
Ongegrond ontslag: dertig salarisdagen voor het eerste jaar, daarna twintig per extra jaar, naar rato voor delen van jaren.
Werkloosheidsuitkering
Mecanismo de Protección al Cesante — FOSFEC
1,5 SMMLV
Totale geldbetaling
Categorieën A en B kunnen in totaal 1,5 maandelijkse minimumlonen ontvangen in vier aflopende betalingen; zorg- en pensioenpremies kunnen zes maanden doorlopen.
Loon bij ziekte
Incapacidad de origen común — EPS
2/3 → 1/2
Uitkeringspercentage
Twee derde tijdens de eerste negentig dagen, daarna de helft tot dag 180, met het minimumloon als ondergrens. De werkgever betaalt de eerste twee dagen, EPS vanaf dag drie.
Ouderschapsverlof
Licencia de maternidad y paternidad
18 / 2
Verlofweken
Gewoon zwangerschapsverlof duurt achttien betaalde weken; de wettelijke basis voor vaders is twee. De laatste zes zwangerschapsweken kunnen onder wettelijke voorwaarden worden gedeeld.
Onbetaald loon
Código Sustantivo del Trabajo — artículos 157, 488 y 489
3
Verjaring in jaren
De algemene termijn begint zodra elke betaling opeisbaar is. Een specifieke schriftelijke vordering ontvangen door de werkgever onderbreekt deze eenmaal; bewaar ontvangstbewijs.
Bereken je eigen salaris
De calculator opent met het referentiesalaris van deze pagina. Pas het salaris, de regio of het huishouden aan voor je eigen bedragen.
Methode en bronnen
Alle bedragen op deze pagina komen uit hetzelfde belastingmodel als de calculator. Maandbedragen zijn het jaarresultaat gedeeld door 12; echte loonstroken kunnen afwijken.
Aannames: een alleenstaande van 35 zonder kinderen of kerklidmaatschap, belastingjaar 2026.